De staatssecretaris van Financiën heeft in een brief aan de Tweede Kamer de stand van zaken geschetst met betrekking tot de invoering van het fiscale inzagerecht. Invoering van dit fiscaal inzagerecht zal in fases gebeuren.
Invoering fiscaal inzagerecht in fases

Fiscaal inzagerecht
Wettelijk is vastgelegd dat belastingplichtigen recht hebben op inzage in hun eigen fiscale dossier bij de Belastingdienst. In de brief geeft de staatssecretaris aan hoe de implementatie van dit fiscaal inzagerecht de komende jaren gestalte gaat krijgen, wat het beoogde tijdpad is en welke uitzonderingen er op het inzagerecht gemaakt gaan worden.
Versnipperd
Op dit moment is bij de Belastingdienst nog geen centrale dossiervorming: de informatie van het fiscale dossier is nog vergaand versnipperd in tientallen niet aan elkaar gekoppelde systemen. Voor het fiscale inzagerecht zal de Belastingdienst daarom een verandering in de manier van werken door moeten voeren. Het doel is het bereiken van een gestructureerde, extern gerichte en ontsluitbare dossiervorming, aldus de staatssecretaris. De stukken van het fiscaal dossier zullen de komende jaren stapsgewijs digitaal beschikbaar gesteld worden.
Programma ‘Keuze digitaal’
Met het op dit moment binnen de Belastingdienst uitgevoerde programma ‘Keuze digitaal’ zullen beschikkingen, uitnodigingen, herinneringen en ingediende stukken tot 2030 stapsgewijs beschikbaar komen in MijnBelastingdienst (Zakelijk). Dit wordt later uitgebreid met standaardbrieven en automatische berichten, gevolgd door informatie uit individuele dossiers bijvoorbeeld over de behandeling van een aangifte.
Tijdpad
In de brief staat ook een voorlopig tijdpad, waarin de voorgenomen invoering van het fiscale inzagerecht is opgenomen:
- Fase 1 bevat inzage in de formele communicatie, zoals aanslagen, beschikkingen, formele brieven en ingediende formulieren. Gepland is om dit voor de omzetbelasting in 2026 in te voeren, voor de autoheffingen, loonheffingen, vennootschapsbelasting en schenk- en erfbelasting in de periode 2027-2028 en voor de inkomstenbelasting in 2029.
- Fase 2 bevat inzage in de onderbouwing van besluiten, zoals de aanleiding voor een beoordeling en het verloop van een zaak. In de periode 2029 tot en met 2031 is dit gepland voor alle in fase 1 opgesomde belastingen.
- Fase 3 bevat inzage in een integraal en samenhangend dossier. Dit is gepland vanaf 2032.
Uitzondering accijnzen en verbruiksbelastingen
Voor de Douane zou het fiscale inzagerecht alleen van toepassing zijn op accijnzen en verbruiksbelastingen. De staatssecretaris zondigt deze heffingen echter uit van het fiscale inzagerecht. Dit laatste betekent niet dat de Douane zich niet inzet op het verder verbeteren van de informatiepositie en rechtsbescherming van belastingplichtigen, zo geeft de bewindsman aan.


